De Groene Amsterdammer

Historisch Archief 1877-1940

Alle jaargangen 1930 22 maart pagina 17

22 maart 1930 – pagina 17

Dit is een ingescande tekst.

No. 2755 DE GROENE AMSTERDAMMER VAN 22 MAART 1930 Schopenhauer's Aphorismen van Levenswijsheid berijmd door Gharivarius VI De eene vindt in 't leven niets dan saais en vaags, En ieder voorval schijnt hem vlak en alledaagsch, En d'ander, die wellicht een zelfde leven leidt, Vindt alles vol belang door zijn persoonlijkheid. Bij 't luistren naar een bont verslag, dat iemand geeft, Beklaagt een hoorder zich. dat hij zulks nooit beleeft, Vergetend, dat 't belang niet in 't gebeurde lag, Maar in de wijs waarop de spreker 't feit bezag. Zoo kan er schoonheid zijn in 't simpelste gedicht: Een triviaal geval, door ecu genie belicht. VII Een mensch van sterke individualiteit, Met smaak en intellect, vreest nimmer d'eenzaamheid, Die hij, integendeel verkiest en zoekt en prijst: Het woord verveling" staat niet op zijn woordenlijst. Verstrooiing zoekt hij niet. Hij voelt zich best alleen, Heusch, hij verlangt niet altijd meiischen om zich heen, Daar hem zijn eigen brein genoeg gedachten geeft, Zoodat hij andrer hulpe niet van noode heeft. Maar daar bestaat geen macht verstrooiing, weelde, pret, Zelfs wellust, die een leeghoofd van verveling redt. VIII Doorvorsch uw eigen aard. Bepaal uw taak met zorg, En uw persoonlijkheid blijft voor uw welzijn borg. Gelukkig hij, die vrij zijn richting kiezen kan, En arbeidt naar zijn aard; hij wordt de sterke man. Hij vindt alleen soms struikelblokken op zijn pad, Indien hij in zijn jeugd zijn kracht heeft overschat. Een man van zwak verstand, maar naar den lijve sterk, Zal nooit gelukkig zijn bij spannend hersenwerk; En d'ander, zwak van lijf, maar met een scherp verstand, Verkwijnt in een bestaan van arbeid met de hand. IX Ziehier de grcote fout van onze maatschappij: Beroepskeus is, door geld, maar ook dooi- .stand, niet vrij. Ik ken een flinken knaap, een sterken jongen man, Die niet vlug leeren wil, maar aardig knut.slen kan. Hij peutert elke maand zijn rijwiel uit mekaar. En tuigt het ding wt er tip in tien minuten klaar. Was hij maar vrij geweest in 't kiezen van zijn baan. Dan was hij vroolijk in het fietsenvak gegaan. Maar hij studee.t" (vergeefs, al menig, menig jaar). Want, ach, de stumpeit heet Baron van Hief tot Daar. Ik ken een andren man, die werkt in een fabriek; Hij is niet stirk. en zwa e a beid maak! hem ziek. Mair ('k geef hem zoo wat les) zijn zeldzaam intellekt En vlu.jheid van besrip vervult mij m ;t respekt. Wat heb ik vaak gedacht: had jij maa'1 gestudeerd. Dan was je nu niet zeer, maar zeker hooggeleeid; Dan zon de wereld heel wat ri.ker zijn geweest Door de producten van jou eminetiten go( st. Veel productieve kracht wordt buiten dienst gesteld Door valsch gevoel van stand en door gebrek aan geld. XI Het tweede: WAT GIJ HEBT, draagt bij tot uw geluk, Maar in beperkte maat; de rest baart zorg en druk. De meesten, in hun jacht naar goud, beseffen niet, Dat dit hun slechts tot zeekre grenzen voordeel biedt, Eri dat het sterken en beschaven van hun geest, Voor hun geluk oneindig beter waar' geweest. Hoe mierenacht ig zwoegt zoo menig zakenman, Om maar zoo veel fortuin te garen als hij kan. Hij gaat uit zaken. Maar dat nietsdoen weegt als lood: Zijn geest is leeg en uit verveling gaat hij dood. XII De derde factor, FAAM: hetgeen men van u denkt, Is die waaraan de wijze 't minst zijn aandacht schenkt. Wel is een goede naam van zekere waardij Wij leven eenmaal in de inenschenmaatsehappij, Maar andermans gevoel is andermans bezit, KIL in den grond der /.aak, mijn vriend, wat rankt u dit? Toch is het regel, dat men veel meer aandacht wijdt Aan geld en goeden naam, dan aan persoonlijkheid; Kvi wie tte mensehen kent in 's werelds wild geraas, Zegt niet: wat zijn ze slecht, maar wel: wat zijn VA; dwaas. (Einde der Inleiding) Een interessante boeken-catalogus De catalogi van nieuwe aanwinsten van het Internationaal Antiquariaat Menno Hertzberger hebben wij zoo langzamerhand leeren waardeeren als een welkome vaste voorjaars-verschijning. No. 49 echter, dezer dagen gepubliceerd en met een simpele vermeld reeds in dit weekblad gesig naleerd *) is wel in 't bijzonder belangrijk. Deze nieuwe catalogus omvat niet minder dan 486 nummers, en daaronder zijn 16 manuscripten en 17 incunabula. Vermelden wij een en ander hiervan, dan is dat al terstond No. l, een prachtig 14e eeuwsch Pransch miniatuur met psalmen in het Fransen en Latijn. De afbeelding in blauw en rood toont ons God en zijn zoon, naast elkaar gezeten, de achter grond wordt gevormd dooi' een gouden muur. Zelden zagen wij een prachtiger specimen van miniatuur-kunst. Ook van do 15e eeuwsche hand-schrift-kunst is er een subliem stuk aanwezig, een calender, in rood en zwart geschreven en rijkelijk versierd met een D-initiaal in rood. blauw en goud, terwijl de geheele ondergrond tussehen dt' regels schrift' is gevuld met ornament, niet de pen geleekencl uil bloemen-mot ie v en in r< n M l en L;-ond. Ook de verdere bladzijden zijn met pen-ornamenten \\onderei. van rijkdom geworden. In zoo een werk ziet men a.h.w. den monnik bezig met zijn wondere arbeid, te groot er is onzen bewondering voor zoo iets in deze rumoerige mo derne dagen, waarin lawaai en vluchtigheid hoogtij vieren. Van de incunabula is met name Xo. 19 merk waardig. Dat is de zgn. Biblia nona Germanica (9e Duitsche bijbel), in 1182 te Neurenberg door Anton Koberger gedrukt, en verlucht met meer dan 100 gekleurde groot e houtsneden ! Dit boek is het eerste der groote houtsiiedenboeken, welke Koberger maakte, de lettertypen werden er speciaal voor gesneden. Zeer duidelijk was het Koberger's opzet, om met dit boek een. monumentaal werk stuk te leveren. Hij schiep daarom een lettertype, dat in grootheid zeer nabij komt aan dat van den beroemden Gutenberg-bijbel. De belangrijkheid ervan moge blijken uit het feit, dat Albrecht Dürer uit dit werk den basis vormde voor zijn vermaard geworden Apocalyse. * * * Ken aantal pracluvollo boekbanden vraagt voorts de aandacht, men vindt daarbij als een der allerschoonste een in 1SOO voor Thomas Mecklin door Th. Bensley vervaardigde Bijbel, geïllustreerd met etsen en (eekeningen van beroemde Kngelsrlio. kunstenaars, en bovendien nou' versierd mei til.lrijke platen en \ k-netten. De hand is \ er\ aard im! nii rood marnkijn-leder. Vuil d,.), lieT-oelllden lta!ia:UlM-heII l >e eell\\M-hel: drukker l iodoni /.ij n hier L: > uerksl ukken aan u e/.iu. <|ie eell \oo|- eell L:etllii:eli \ U l i liet groote talent. van dezen kunstenaar. Wonderlijk mag het heet en, dat in Holland nog steeds zoo goed als geen waaideering voor Hodoni bestaat ! Deels moet men dit vermoedelijk wijten aan de geringe liefde hier te lande voor het boek, deels echter ook vooral omdat men nog maar al te zeer de mode" aanbidt. In dit verband komen wij als vanzelf tot de hier aanwezige speciniina der verschillende eigen persen. Uit Engeland vinden wij werken van de Doves en de Kelniscolt-press, uit Holland van de Zilverdistel, de Heuvelpers (S. H. de Koos) de Kunerapers (Mr. J. F. v. Uoyen) e.a. Als producten van onzen tijd mogen deze werken tot op zekere hoogte als bekend onder steld worden. Zoodat een meer gedetailleerde vermelding achterwege kan blijven. Wat daarom nog niet bet eekent, dat zij van 's heeren Hertzbergers kostelijke voorraad" het minst belangrijke gedeelte vormen! WYBÜMKI.ÏEK *) JJc (irocnc Ainslcrdtiniini'r, 22 Febr. KiO. BRANDBLUSSCHER SPANJAARD&C2 *IEK ISPANA

De Groene Amsterdammer Historisch Archief 1877–1940

Ga naar groene.nl